De Panchen Lama: Al meer dan 30 jaar spoorloos - Demonstreer mee bij de Chinese ambassade tegen zijn verdwijning.

China viert 'Dag van de Bevrijding der Horigen' als herdenking van het opheffen van Tibets autonomiebelofte

Chinees propagandabanner voor het Potala Paleis in Lhasa ter gelegenheid van de '3·28 Dag van de Bevrijding der Horigen', 28 maart 2026 Het Potala Paleis in Lhasa ingekaderd door Chinese propaganda-uitingen voor de ‘3·28 Dag van de Bevrijding der Horigen’, 28 maart 2026. (Foto: Xinhua)

Op 28 maart 2026 herdacht China voor de 67e keer wat het officieel de “Dag van de Bevrijding der Horigen” noemt. Met vlaggenceremonieen op het Potalapaleis-plein in Lhasa, culturele optredens en online propagandacampagnes presenteerde Beijing de dag opnieuw als een feest van bevrijding. Critici en de Tibetaanse ballingschapsregering zien het echter als een herdenking van de dag waarop China zijn belofte van autonomie aan Tibet verbrak.

De belofte van 1951 en de breuk van 1959

In 1951 ondertekende China het Zeventien-Punten Akkoord met Tibet, dat het karakter had van een “één land, twee systemen”-arrangement: Tibet zou zijn bestaande bestuursvorm en sociale stelsel behouden. Die belofte hield acht jaar stand. Op 28 maart 1959 — ten tijde van de grote Tibetaanse opstand van 10 maart — ontbond premier Zhou Enlai bij decreet de “lokale” Tibetaanse regering en verving deze door een Voorbereidend Comité voor de Tibetaanse Autonome Regio. Daarmee maakte China in één klap een einde aan wat het Tibet had beloofd.

Brons monument voor het Potala Paleis symboliseert de Chinese 'bevrijding' van Tibet Een bronzen monument voor het Potala Paleis symboliseert de Chinese lezing van de ‘bevrijding’ van 1959. Op de achtergrond zijn Chinese propagandaborden zichtbaar. (Foto: Xinhua)

In 2009, in de nasleep van de grootschalige Tibetaanse protesten van maart 2008, stelde het Nationale Volkscongres van China officieel 28 maart in als nationale feestdag. De dag diende tegelijk als tegenhanger voor 10 maart — de door Tibetanen wereldwijd herdachte dag van de Tibetaanse Volksopstand.

Officiële vieringen in 2026

TAR-voorzitter Karma Tsetan hield op 27 maart een televisietoespraak ter gelegenheid van “de 67e verjaardag van de bevrijding van een miljoen horigen”. De Chinese staatsmedia omschreven de hervormingen van 1959 als het definitieve einde van een “duister, wreed, barbaars en achterlijk theocratisch feodalisme”. Op het plein voor het Potalapaleis werden Chinese vlaggen gehesen, en er werden — door de staat georganiseerde — Tibetaanse culturele optredens gegeven.

Door de staat georganiseerde Tibetaanse dans tijdens de viering van de 'Dag van de Bevrijding der Horigen' in Lhasa, 28 maart 2026 Door de Chinese staat georganiseerde culturele optredens tijdens de viering van de ‘Dag van de Bevrijding der Horigen’ in Lhasa, 28 maart 2026. (Foto: Xinhua)

Een andere lezing van de geschiedenis

De Centraal Tibetaanse Administratie (CTA), de Tibetaanse ballingschapsregering, bestrijdt de Chinese geschiedschrijving fundamenteel. Volgens de CTA heeft de Chinese bezetting geleid tot de dood of onnatuurlijk overlijden van meer dan 1,2 miljoen Tibetanen, de verwoesting van meer dan 6.200 religieuze plaatsen en onomkeerbare schade aan de fragiele ecologie van het Tibetaanse plateau.

Wat China een “bevrijding” noemt, beschouwen Tibetanen als het begin van een bezetting. De “Dag van de Bevrijding der Horigen” wordt in Tibet zelf dan ook niet als feestdag beleefd, maar als een door de staat opgelegde propagandadag. De datum markeert in de Tibetaanse herinnering het moment waarop de Dalai Lama gedwongen in ballingschap ging en Tibet zijn laatste restje bestuurlijke zelfstandigheid verloor.

Propaganda als politiek instrument

De instelling van de feestdag in 2009 had een duidelijk politiek doel: het neutraliseren van de internationale aandacht voor 10 maart. Door een eigen herdenkingsdag te creëren kan Beijing de agenda bepalen, de Chinese lezing van de Tibetaanse geschiedenis canoniseren en elke kritiek framen als inmenging in “binnenlandse aangelegenheden”.

De vieringen van 2026 vonden plaats tegen de achtergrond van de recent aangenomen Chinese Wet op Etnische Eenheid en Vooruitgang — een wet die critici zien als een verdere codificering van het assimilatiebeleid waarvan de “hervormingen” van 1959 het beginpunt waren.